• Nieuws

Distemper aan een opmars bezig?

In Nederland zijn in de regio's Utrecht en Nijmegen bij meerdere gevallen van hondenziekte vastgesteld bij honden. Deze cases tonen aan dat Distemper niet weg is en vaccinatie nog steeds de belangrijkste preventie blijft. Wat is de situatie in België?

Canine Distemper Virus - CDV - Hondenziekte

Het Canine Distemper Virus (CDV) is een relatief groot, omhuld RNA-virus (genus Morbillivirus, familie Paramyxoviridae) dat nauw verwant is aan het menselijke mazelenvirus. Overdracht vindt voornamelijk plaats via inhalatie van virusdeeltjes na direct contact met een besmet dier of een besmette omgeving. 

Ongevaccineerde honden, met name jonge honden onder de leeftijd van één jaar, lopen het grootste risico. De symptomatologie ontwikkelt zich meestal 1 tot 2 weken na blootstelling en verloopt als volgt:

  • Eerste fase: Lusteloosheid, verminderde eetlust en koorts. 
  • Tweede fase: Bij dieren met een ontoereikend immuunsysteem treden secundaire infecties op. Dit resulteert in hoesten, slijmerige neusuitvloeiing, braken en diarree.
  • Neurologische symptomen: Neurologische symptomen kunnen zich ook ontwikkelen: epilepsie, spierzwakte, krampen, myoclonus, ...

Vermoeden voor Distemper gebeurt hoofdzakelijk via de combinatie aan klinische symptomen. De diagnose kan verlopen via pcr test op onder andere ooguitvloeiing.

Vaccinatiegraad in Vlaanderen: Kritische inzichten

Een recent gepubliceerd onderzoek in het Vlaams Diergeneeskundig Tijdschrift (2025) ging de werkelijke vaccinatiegraad in de praktijk na. Uit een analyse onder Vlaamse hondeneigenaren bleek het volgende:

  • Algemene Vaccinatiestatus: Slechts 50% van de honden is volledig correct gevaccineerd wanneer rekening wordt gehouden met hun specifieke leefomstandigheden en de WSAVA-richtlijnen.
  • Wat betreft de noodzakelijke core-vaccins (waaronder CDV, Parvo en CAV), bleek dat slechts 11,1% van de honden de afgelopen drie jaar niet de vereiste vaccinaties had ontvangen. Deze honden lopen een reëel risico bij blootstelling, maar we overschrijden hiermee wel de vaccinatiedekking van 75% om populatie-immuniteit te verzekeren volgens WSAVA richtlijnen.
  • Overmatige vaccinatie: Van de honden die wel gevaccineerd waren met de core-vaccins, kreeg 27,4% deze vaccinatie onnodig op jaarlijkse basis toegediend (in plaats van de aanbevolen driejaarlijkse cyclus), wat de immunitaire druk onnodig verhoogt.
  • Eigenaarsinschatting: Slechts de helft van de eigenaren kon de vaccinatiestatus van hun hond correct inschatten. De andere helft overschatte deze status.

Een goede vaccinatie blijft dus cruciaal. De dierenarts staat aan de basis in het correct toepassen van de internationale richtlijnen omtrent vaccinaties. Je kan deze richtlijnen ook terugvinden op de WSAVA website. Voorlichting van eigenaars omtrent de vaccinatie blijft belangrijk.